Vader: onbekend

12 mei 2009, laatste update 26 oktober 2014

Gedachten over het gebruik en de betekenis van het woord vader
Lezing Hans Warmerdam tijdens bijeenkomst van Meer dan gewenst op 14 juni 2003

Voor het creëren van een nieuw menselijk leven zijn twee mensen nodig: een voor de eicel en een voor de zaadcel ofwel een vrouw en een man. De fysieke omstandigheden van de voortplanting maken voor de vrouw het afstaan van een eicel – eiceldonatie – of het afstaan van het kind na de geboorte – draagmoederschap – medisch-technisch en sociaal-emotioneel een uiterst complex en beslist ingrijpend proces. Daarnaast oefent de maatschappij veel druk op vrouwen uit om hun biologisch moederschap te continueren door het uitoefenen van sociaal moederschap.

Een vrouw die haar kind zo maar afstaat, is een ‘ontaarde moeder’. De wetgever onderstreept dit principe door daar automatisch het juridisch ouderschap aan te verbinden. Biologisch, sociaal en juridisch ouderschap vallen in het geval van moederschap allen samen en de betekenissen lopen door elkaar heen. In het dagelijks spraakgebruik maken mensen ook geen onderscheid in deze verschillende rollen en functies. De samenleving hecht aan het biologisch moederschap ook het predikaat echt. Moederschap en alle daarbijhorende gevoelens worden opgevat als een natuurlijk, echt gegeven, die niet bepaald worden door maatschappelijke opvattingen. Het zijn onder andere de sprookjes van de gebroeders Grimm met het personage van de boze stiefmoeder, verhalen voor volwassenen uit een tijd waarin veel vrouwen in het kraambed stierven en de opvattingen over moederschap beslist anders waren, die onze opvattingen over sociaal moederschap sterk hebben gekleurd. Echt en de kwaliteit van het moederschap zouden onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.

Hoe anders is het gesteld met vaderschap. Biologisch, sociaal en juridisch vaderschap behoeven geen van allen samen te vallen. De fysieke constellatie van de man is daar beslist de oorzaak van. De man heeft nauwelijks of geen emoties bij het zaad dat zijn lichaam verlaat. Mannen wassen regelmatig het zaad van hun buik, ruimen het op met een handdoek of laten het gewoon opdrogen. Het is ondoenlijk om telkenmale te denken aan het nieuwe leven dat daaruit kan ontspruiten. Zaadceldonatie is daardoor van een totaal andere orde dan eiceldonatie. Dat wil niet zeggen dat de stap naar donorschap eenvoudig gezet wordt. Mannen realiseren zich terdege dat er kinderen komen uit hun zaad. Maar zaadceldonatie laat zich vergelijken met weefsel- en orgaandonatie. Het is een humane daad, waarmee anderen geholpen worden. Of het is een mogelijkheid om zonder de opvoedingsverantwoordelijkheid op zich te nemen om het genetisch materiaal door te geven. Deze mannen zitten er beslist niet op te wachten om jaren nadien de deur te openen en geconfronteerd te worden met iemand die op zoek is naar zijn papa.

De wetgever onderschrijft de verschillende vaderschaprollen. En, zeer wezenlijk, verbindt aan het biologisch vaderschap niet automatisch het juridisch vaderschap.
Een man wordt juridisch ouder over de kinderen die binnen zijn huwelijk geboren worden. Hij kan sinds 1 januari 1998 niet meer weigeren, indien hij het kind niet verwekt heeft, het kind te erkennen.
Een andere mogelijkheid is de erkenning van een niet-biologisch kind. Wanneer een man een ongehuwde moeder huwt, kan hij haar kinderen erkennen als de zijne. Hij krijgt dan het juridisch ouderschap over haar kind(eren) met alle daaraan verbonden rechten en plichten. Mocht de vrouw in kwestie komen te overlijden dan houdt de niet-biologische vader juridisch zeggenschap over haar kind(eren).
Een man kan een biologisch of niet-biologisch kind ook erkennen zonder met de moeder te trouwen. In dat geval dient de moeder altijd toestemming hiervoor te geven. Sinds 1 januari 1998 kan de biologische vader naar de rechter stappen als de moeder haar toestemming weigert. De rechter beslist in dat geval. Het kind kan bij het bereiken van de volwassenheid het vaderschap van de man ontkennen en daarmee de familierechtelijke betrekking beëindigen. Voorwaarde hiervoor is natuurlijk dat het kind weet dat er een andere biologische vader in het spel is.
Als het gaat om een door hem verwekt kind is het gebruikelijk zo’n twee maanden voor de geboorte samen naar de burgerlijke stand te gaan om daar alvast vast te laten leggen dat men het ouderschap deelt. (zie verder het afstammingsrecht)
Volgens artikel 1:223 van het Burgerlijk Wetboek kan erkenning ook bij notariële akte plaatsvinden. Erkenning kan dus bijvoorbeeld bij testament plaatsvinden. Het gedeelte van het testament dat de erkenning bevat, wordt onherroepelijk. Een uittreksel van het testament moet direct, en niet pas na het overlijden, aan de ambtenaar van de burgerlijk stand worden gezonden. Dit in verband met de onherroepelijkheid.
Een man kan ook juridisch vader worden door adoptie, hetzij alleen of samen met een man of een vrouw. Ook kan het juridisch vaderschap door de rechter worden vastgesteld.

Uit het voorafgaande blijkt dat er verwarring kan ontstaan over wat een vader nu precies is. De termen die lesbo’s en homo’s hanteren schragen die verwarring. Opsomming van de woorden die wij gebruiken maakt dat duidelijk: een anonieme donor, een bekende donor, een donor-vader, een biologische vader, een sociale vader, een vader. Wat is nu een vader.
Een vader is mijn inziens een man die de levenslang opvoedingsverantwoordelijkheid voor een kind op zich neemt. De band tussen vader en kind begint bij de geboorte. Het simpele gegeven dat het kind uit je lendenen is voortgekomen is uiteindelijk bijzaak, dit in tegenstelling tot de moeder die het kind baart, omdat er fysiek iets wezenlijk anders gebeurt. Vader is een maatschappelijke rol die niet zo eenvoudig als een stel kleren afgestroopt kan worden en terzijde gelegd kan worden. Vaderschap wordt een tweede huid. Het feit dat het vaderschap al dan niet wettelijk bekrachtigd wordt doet er mijn inziens niet toe, alhoewel een man dat emotioneel wel zo kan ervaren. De rol van vader kan samenvallen met het biologisch vaderschap maar is daar geen uitsluitende en afdoende voorwaarde voor. Wie als man de opvoedingsverantwoordelijkheid niet op zich wil nemen, maar wel zijn genetisch materiaal wil doorgeven is volgens mij dan ook geen vader en kan dat jaren later ook niet meer worden. Hij is weliswaar biologisch vader, maar meer dan dat is hij een donor en een bewust buitenstaander.
Voor ons allen die zo bewust bezig zijn met onze ouderschapswens is het bewust kiezen voor het donorschap of het vaderschap van essentieel belang. Beter een avond langer doorgesproken over wat de dame(s) of heer(en) in kwestie nu werkelijk willen en de reikwijdte van de keuze proberen te doorgronden dan gewoon maar aan het “project” beginnen. Dat bewust keuzes maken begint bij een hanteren van dezelfde terminologie en helder voor ogen hebben wat er onder deze termen verstaan moet worden.

Hans Warmerdam