Er zijn veel oprechte, betrokken donoren die weloverwogen met grote zorgvuldigheid bekende donor zijn, in volledige openheid, en in goed contact met het kind.
Maar helaas is niet iedere donor die zichzelf aanbiedt te goeder trouw. Er zijn personen die zichzelf aanbieden met andere bedoelingen, bijvoorbeeld die uit zijn op seksueel contact onder het mom van ‘natuurlijke bevruchting’; of zogenoemde massadonoren die bewust zo veel mogelijk nakomelingen proberen te krijgen en daarbij zelfs onderling concurreren; of donoren die om andere redenen foute intenties hebben en niet betrouwbaar zijn.
Hieronder zetten we een aantal zorgelijke signalen en rode vlaggen op een rij, waar je op moet letten en onderaan de pagina wat je juist wél moet doen. Niet om je bang te maken, maar om je goed te informeren. Ga op je eigen gevoel af; een gewaarschuwd mens telt voor twee. Haast is een slechte raadgever. Er zijn gelukkig ook enorm veel goede, lieve, betrouwbare donoren, maar let als wensouder zelf heel goed op en wees verstandig!
Hieronder een lijst van zorgelijke signalen en rode vlaggen:
- Hij stelt ‘natuurlijke bevruchting’ voor – De donor staat open voor bevruchting op de natuurlijke weg, noemt het NI (natuurlijke inseminatie) of een ‘warme overdracht’. Hij geeft bijvoorbeeld aan dat bewezen is dat de kans op zwangerschap dan groter zou zijn. Dat is overigens niet bewezen, maar sowieso raden wij bevruchting op de natuurlijke weg af bij donorconceptie. Alleen al het voorstellen om het op de natuurlijke manier te doen is een rode vlag. Medisch gezien loop je risico op soa’s en bovendien is de man dan niet de donor maar de verwekker van je kind, wat juridisch ook een ander verhaal is, en daardoor kan hij aanspraak maken op juridisch ouderschap.
- Hij wil niet via een kliniek – De donor wil het alleen via thuisinseminatie (zelfinseminatie) doen. Mocht je naar een kliniek willen, dan wil hij dat alleen als jij de kliniek vertelt dat hij je partner is en niet de donor. Hiermee probeert hij te voorkomen dat de kliniek de verplichte registratie maakt bij het College Donorgegevens Kunstmatige Bevruchting (het Cdkb), het register waarin behandelingen met donorsperma via een kliniek worden bijgehouden. Dat register zorgt ervoor dat een donor na 12 vrouwen te hebben geholpen, geblokkeerd wordt voor de klinieken. Aanmelding bij dit register is een bescherming tegen te veel kinderen per donor en zorgt ervoor dat een kind zijn afstamming kan achterhalen.
- Hij heeft al eerder gedoneerd – Hij heeft al eerder iemand (of meerdere mensen) geholpen om een kind te krijgen. Als dit zo is, dan kan je vragen om dat gezin ook te ontmoeten, want dat wordt ook familie van jouw kind. Vraag goed door waarom hij nogmaals wil doneren, wat zijn motivatie is. Vraag ook of hij al meer mensen heeft “geholpen” en of hij na jou van plan is te stoppen.
- Hij heeft al een vruchtbaarheidstest gedaan en ook een soatest – Dit moet je mogen checken. Vraag daarom altijd of je de uitslag van de soa test mag zien, en check de datum op het formulier.
- Hij wil niet naar een gespecialiseerde familierechtadvocaat – maar heeft het donorcontract al klaarliggen en wil dat samen ondertekenen. Dit moet je niet zelf onderling willen doen. Je kunt dit altijd het beste samen bij een gespecialiseerde familierecht advocaat laten opstellen, die zal met jullie in gesprek gaan en zorgen dat jullie afspraken goed geïnformeerd en weloverwogen in het contract komen te staan.
- Hij wil geen counselingstraject doen – Ga altijd samen naar een gespecialiseerde counselor om ‘blinde vlekken’ te voorkomen en om zoveel mogelijk aspecten en verwachtingen met elkaar door te spreken.
- Hij wil alles snel – Hij wil niet rustig alle stappen doorlopen. Hierdoor is er onvoldoende ruimte om elkaar in de diepte te leren kennen en goed over jullie afspraken en verwachtingen en het belang van het kind te praten. Een uitgebreid kennismakingstraject is belangrijk, zie onderaan bij “wat moet je wel doen”.
- Hij wil zijn omgeving niet delen en de jouwe niet leren kennen – Hij wil jouw vrienden en familie niet leren kennen en wil ook andersom niet dat jij zijn familie en vrienden ontmoet.
- Zijn partner mag het niet weten
- Hij wil zijn reiskosten vergoed krijgen – In bepaalde gevallen kan dat wel logisch zijn, kijk goed hoe het voelt.
- Hij vraagt een financiële bijdrage voor allerlei kosten die niet direct gelinkt zijn aan het feit dat hij donor wil zijn voor jou
- Hij wil geen contact met het kind – en vindt één keer per jaar een foto krijgen ook genoeg. Wat is zijn motivatie, als hij verder geen contact wil met het kind of jou/jullie? Het is belangrijk om je te realiseren dat het voor je kind belangrijk is om diens biologische vader te leren kennen, zeker als jij diegene al wel kent.
- Je onderbuikgevoel klopt niet – Je merkt dat hij liegt over iets of iets heeft verzwegen. Dit kan over van alles zijn. Hij geeft wisselende informatie, gebruikt veel mailadressen of verschillende telefoonnummers. Je onderbuikgevoel vertelt je dat er iets niet klopt.
- Meerdere oproepjes – Hij heeft al jaren oproepjes staan op meerdere websites of social media zoals Facebook. Zoek dus online of je stukken uit zijn teksten vaker terugvindt.
- Hij doneerde of doneert ook bij een spermabank – Wat is zijn motivatie om nu bekende donor te willen worden? Via de spermabank zijn er mogelijk al nakomelingen. Het kan zelfs zo zijn dat de wettelijk toegestane limiet voor hem via die route al is bereikt.
- Motivatie – Hij heeft geen duidelijke motivatie waarom hij donor wil zijn of hij heeft een motivatie waarbij je vraagtekens hebt.
Wat moet je wel doen?
Leer de donor heel goed kennen, en ook zijn familie en vrienden. Bespreek heel veel onderwerpen met elkaar, en bespreek je wederzijdse verwachtingen rondom het donorschap goed met elkaar. Neem ruim de tijd voor dit kennismakingstraject.
Doe vooraf een counselingstraject bij een ervaren, gespecialiseerde counselor (die vind je op de website van DuRF) en leg vervolgens je afspraken vast in een donorovereenkomst. Dit doe je bij een gespecialiseerde familierechtadvocaat of notaris, deze vind je op de website van DuRF.
Meer dan Gewenst staat niet in voor de betrouwbaarheid van wensouders en donoren. Je bent zelf verantwoordelijk voor je keuzes, en hou daarbij altijd het belang van het kind hoog in het vaandel. Wat wordt het verhaal van je kind, diens ontstaansgeschiedenis en afstammingsinformatie? Een kind heeft recht op het eerlijke verhaal en op zorgvuldigheid van z’n ouder(s).
